Je kent het vast wel: je telefoon ontgrendelen met je vingerafdruk of je gezicht. Deze manieren van ontgrendelen noem je biometrie. Biometrie is het meten van een lichamelijke of gedragsmatige eigenschap van een organisme. Bij ieder persoon zijn deze kenmerken uniek, en daarom opent jouw telefoon niet wanneer iemand anders zijn vingerafdruk probeert te gebruiken. Biometrische beveiliging is vaak veiliger dan een pincode, omdat een pincode makkelijker te raden of te kraken is. Toch heeft biometrie ook nadelen. Zo bestaat er een kleine kans dat de herkenning niet werkt — al is die kans gelukkig erg klein. Op deze website vertellen we je meer over verschillende soorten biometrie, zelfs over vormen waarvan je misschien nog nooit hebt gehoord.
Biometrie werkt in de basis met het herkennen van unieke lichamelijke kenmerken van een persoon, zoals een vingerafdruk, gezichtskenmerken, een iris of stemgeluid. Dit proces begint bij een sensor, bijvoorbeeld een vingerafdrukscanner of een camera. Deze sensor meet het gekozen lichaamskenmerk en zet dit om in digitale meetgegevens. De gemeten gegevens worden vervolgens verwerkt door speciale software. Deze software fungeert als een soort “vertaler”: zij analyseert de kenmerken en zet ze om in een unieke digitale code, meestal in de vorm van binaire informatie (nullen en enen). Het gaat hierbij niet om een foto of exacte kopie van het lichaamskenmerk, maar om een wiskundige representatie ervan. Deze binaire code wordt opgeslagen in een database, waar zij is gekoppeld aan een specifieke persoon of account. Wanneer iemand zich later opnieuw wil identificeren of inloggen, wordt het biometrische kenmerk opnieuw gescand. De nieuw verkregen binaire code wordt dan vergeleken met de eerder opgeslagen gegevens in de database. Als de nieuwe gegevens voldoende overeenkomen met de bestaande gegevens, herkent het systeem de persoon als bevoegd. De database stuurt dan een bevestigingssignaal terug naar het systeem of bedieningspaneel, waarna toegang wordt verleend of de gebruiker automatisch wordt ingelogd op zijn of haar account. Zo zorgt biometrie voor een snelle en persoonlijke manier van identificatie, zonder dat wachtwoorden of pasjes nodig zijn.
Onder biometrie vallen 2 soorten categorieën. Je hebt Fysieke biometrie en gedragsbiometrie. Hieronder zie je beide categorieën uitgelegd.
Fysieke biometrie |
gedragsbiometrie |
|
Fysieke biometrie betreft meetbare lichamelijke kenmerken, zoals vingerafdrukken, iris- of netvliesscans, gezichtskenmerken en aderpatronen in de hand of vingers. Deze kenmerken zijn uniek en permanent, waardoor ze geschikt zijn voor identificatie. |
Gedragsbiometrie richt zich op gedragen die uniek zijn voor een persoon. denk hierbij aan handtekeningstijl, typgewoonten, spraakpatronen of gang (de manier waarop iemand loopt). Deze gegevens worden vaak in de achtergrond verzameld en gebruikt voor continue authenticatie. |
De eerste vorm van biometrie dateert uit het oude Babylon. In deze periode werden vingerafdrukken op kleitabletten gedrukt om personen te identificeren. Ook oude Chinese beschavingen maakten gebruik van handpalm- en voetafdrukken voor herkenning.
Naast de vele voordelen van biometrie zijn er ook nadelen waarmee je rekening mee moet houden. Biometrische technologie brengt zowel kansen als risico’s met zich mee. Hieronder volgt een overzicht van de belangrijkste voor- en nadelen van biometrie.
Voordelen |
Nadelen |
|---|---|
|
|